Overheid en bedrijven verantwoordelijk voor verduurzaming

Den Haag • 10 oktober 2014

Meer dan 60 procent van de Nederlanders vindt dat de overheid (31 procent) en bedrijven (30 procent) de meest verantwoordelijke partijen zijn voor verduurzaming van de samenleving. Bedrijven verbruiken en vervuilen het meest en hebben de kennis en middelen. Overheden hebben volgens het publiek de meeste macht en kunnen via wet- en regelgeving eenvoudig duurzaamheid afdwingen

Dat blijkt uit onderzoek van GfK in opdracht van de ASN Bank. Op ruime afstand van bedrijven en overheid, vinden de burgers zichzelf het meest verantwoordelijk. Die verantwoordelijkheid voelen consumenten als zij sterk het gevoel hebben door koopkracht invloed op bedrijven en politiek uit te oefenen . Anderen herkennen die macht veel minder en vinden de consument zelfs vrij onmachtig, omdat deze het moet doen met de producten en diensten van bedrijven.

De verantwoordelijkheid van de banken wordt door de burgers als minst groot gezien van de vier partijen. De invloed is indirect. Sommigen zien die indirecte macht toch als een grote macht. Door investeringscriteria bij financiering kunnen banken namelijk macht uitoefenen.

MorgenVandaag

De vraag naar de verantwoordelijkheid voor de verduurzaming van de samenleving is een van debatonderwerpen tijdens het evenement MorgenVandaag op 11 oktober in de Westergasfabriek in Amsterdam. Tijdens deze dag gaat de bank in gesprek met klanten, sociale ondernemers, wetenschap, journalistiek, politiek en iedereen geïnteresseerd is in duurzaamheid over kwesties die vandaag al een verschil voor de toekomst kunnen maken. Sprekers zijn onder andere André Kuipers, Rena Netjes, Rob de Wijk, Bernice Notenboom, Mona Keijzer en Foodwatch.

Volgens Jeroen Jansen, directeur van de ASN Bank, toont het onderzoek van Gfk dat samenwerking het verschil kan maken. “Het onderzoek benadrukt dat alle partijen een rol hebben bij de verduurzaming van de samenleving. Dat lukt echter niet als iedereen dat op een eilandje doet. Juist als overheid, banken en bedrijven elkaar opzoeken en van duurzaamheid een breed gedragen ontwikkeling maken, kan Nederland echt stappen zetten. Een concrete doelstelling voor de langere termijn helpt hierbij. Onlangs hebben wij onszelf als bank bijvoorbeeld een ambitie gesteld: de ASN Bank wil in 2030 netto klimaatneutraal zijn. Niet alleen met ons kantoor, maar met al onze activiteiten, ook beleggingen en financieringen.”

Mate van duurzaamheid

8 op de 10 Nederlanders vindt dat bedrijven, overheden en consumenten zich ‘in enige mate’ duurzaam gedragen. Maar zeer weinigen vinden één van deze partijen ‘sterk duurzaam’. De kwalificatie ‘geheel niet duurzaam’ wordt echter ook maar weinig gegeven. Opvallend is wel dat jonge mensen (t/m 35 jaar) véél vaker uitgesproken negatief zijn over het duurzaam acteren van deze partijen.

Banken worden veel kritischer beoordeeld op dit punt. Er zijn nauwelijks Nederlanders die de banken (als sector) ‘sterk duurzaam’ vinden acteren en een aanzienlijke aantal mensen kwalificeert banken uitgesproken negatief (33% ‘in het geheel niet duurzaam’).

Thema’s

Het onderzoek richt zich ook op de verantwoordelijk voor verduurzaming binnen de thema’s ‘duurzame energie’, ‘eerlijke handel’, ‘kinderarbeid’ en ‘veiligheid en sociale cohesie’. Nederlanders vinden bedrijven en overheid ook binnen deze thema’s het meest verantwoordelijk voor verduurzaming. Meer dan een kwart van de Nederlanders ziet echter ook de eigen verantwoordelijkheid bij het bevorderen van ‘veiligheid en sociale cohesie’, bijvoorbeeld als het gaat om onderwerpen als eenzaamheid en geweld.

Veel woorden, weinig daden

Consumenten hebben het gevoel van “veel woorden, weinig daden” als het gaat om duurzaamheid. Zij hebben behoefte aan meer (positief) perspectief, zoals de voordelen en kansen van duurzame consumptie of kennis over hoe zij duurzamer kunnen leven.

Downloads

    Contactpersoon

    Contactpersoon pers Suzy

    Delen op: